De Noor Erik Rotheim kreeg in 1929 octrooi op zijn uitvinding: de spuitbus.

Als je spreekt van een 'aerosol', heb je het eigenlijk over de inhoud van de spuitbus. Meestal wordt met 'spuitbus' de combinatie bedoeld van de verpakkingsvorm met zijn inhoud. Maar in de praktijk worden deze woorden door elkaar gebruikt; de wetgever spreekt van 'aerosol' waar wij misschien eerder 'spuitbus' zouden zeggen.

Een spuitbus is een verpakkingsvorm die bestaat uit een houder van blik, aluminium of glas. De inhoud van de spuitbus is altijd een werkstof en een drijfstof. Zodra je op het ventiel drukt, perst de drijfstof de werkstof naar buiten in de vorm van een nevel, een schuim of een poeder.

De officiële definitie staat in de Europese Aerosol Richtlijn (75/324/EEG), artikel 2: een eenheid bestaande uit een éénmaal te gebruiken houder van metaal, glas of kunststof die een samengeperst, vloeibaar gemaakt of onder druk opgelost gas bevat, al dan niet te zamen met een vloeistof, een pasta of een poeder, en die is voorzien van een uitlaatinrichting met behulp waarvan de inhoud naar buiten kan treden in de vorm van vaste of vloeibare, in een gas zwevende deeltjes, dan wel als schuim, vloeistof, pasta of poeder. Kort samengevat in normalere taal: een 'bus' met drijfgas + werkstof(fen) waarvan de inhoud via een ventiel (geactiveerd door een actuator) naar buiten komt als je erop drukt.